|
|
Zijn motivatie is in de eerste plaats
commercieel. “Zowel voor mij als voor mijn klanten gaan de kosten omlaag
als we dichter bij huis blijven.” Maar Leo Moree, directeur-eigenaar van
afvalinzamelaar en -verwerker Milieu Service Holland West is ook
betrokken. “Als zo’n plan indirect iets kan betekenen voor de
maatschappij, dan vind ik dat heel erg bevredigend.” En hij is boos. “De
overheid besteedt miljoenen aan onderzoeken naar mobiliteit. Mogen wij
betalen. En komt als enige oplossing met nog meer wegen. Mogen wij ook
betalen, terwijl het zo ontzettend veel simpeler kan.”

Moree: “We rijden in Nederland met tienduizenden bedrijven de hele dag
het land rond en dan voor de helft nog met lege vrachtwagens ook. Ik heb
geen stapel onderzoeken nodig om te zien wat daar de gevolgen van zijn.
Ik zie het zo wel als ik hier de snelweg op wil. Of als ik een afspraak
heb. Mijn mobieltje heb ik voornamelijk om te bellen dat het iets later
wordt of om met diezelfde boodschap gebeld te worden.”
Milieu Service Holland West van Leo Moree is gevestigd in Spaansepolder.
Een 190 hectare groot bedrijventerrein met ruim zeshonderd bedrijven en
uitzicht op het Kleinpolderplein bij Rotterdam, één van de drukste
verkeersknooppunten van Nederland. Moree heeft, zoals hij het zelf noemt,
‘een klein winkeltje’. Acht vrachtwagens rijden af en aan om lege
containers weg te brengen en ze vol hout, stenen, gebroken wasbakken,
stukken pvc-leiding en ander afval van bouwlocaties, productiebedrijven
en klussende particulieren weer op te halen. In Rotterdam wordt het
afval gestort, gesorteerd en vervolgens afgevoerd voor verdere
verwerking.
Oplossing in drie minuten
Een oplossing voor de groeiende problemen met bereikbaarheid, niet
alleen van het eigen terrein maar rond ‘elke stad van een beetje formaat’,
heeft Moree ‘in drie minuten’ bedacht. “Ik schat dat er hier in
Spaansepolder toch al gauw een paar honderd wagens per dag rondrijden om
bij de bedrijven afval op te halen en af te voeren”, licht hij zijn
gedachtegang toe. “Niet van één verwerker, nee één wagentje van die,
twee van een ander, allemaal kriskras door elkaar. En dan zie ik mijn
eigen wagens naar Pijnacker vertrekken, of naar Leiden, of naar Gorkum.
Eerst heen met een lege container. Terug. En daarna nog een keer heen en
weer om de volle bak weer op te halen. Terwijl hetzelfde werk hier om de
hoek ligt. Dat is natuurlijk volledig van de gekke.”
In plan LEO, wat zowel staat voor de bedenker als voor Langdurig
Ecologisch Ondernemen, wil Moree het anders doen. Kies als ondernemer in
Spaansepolder voor een lokale oplossing: het betekent minder vervoer en
een lager tarief, luidt de conclusie van het plan, na een uitvoerig
gedocumenteerde uiteenzetting over de verkeersproblemen in Nederland en
over hun gevolgen voor de bereikbaarheid en het milieu. Moree beseft dat
zijn plan in beide geen ingrijpende verandering zal brengen. “Maar als
mijn kinderen aan tafel vragen wat ík nu doe voor het milieu, wil ik wel
iets meer terug kunnen zeggen dan dat papa nu eenmaal de centjes moet
verdienen om het skateboard te betalen. Dat doe ik óók, maar ondertussen
hebben we wel een groot maatschappelijk probleem dat we niet oplossen
door maar gewoon door te gaan met onze rondjes rijden.”
Uitruilen
Het echte ideaal van Moree gaat dan ook verder dan het werven van
klanten om de hoek. “Ik zou dit het liefst met wat collega’s oppakken.
Op kleine schaal gebeurt dat al. Eén bakkie naar Hoofddorp brengen, dat
kan natuurlijk eigenlijk niet uit. Dus dan bel ik een collega. Maar echt
samenwerken, dat is niet simpel. Er is veel rivaliteit in deze
bedrijfstak en weinig synergie. Maar die kant zal het toch op moeten. Ik
heb een klein bedrijf en klim zelf nog regelmatig op de wagen. Dan zie
ik hoe het werkt. We vissen allemaal in elkaars vijver en komen elkaar
onderweg tegen. Dat moet je kunnen uitruilen. Dat is voor iedereen beter.
Dat beeld zit nu eenmaal in mijn hoofd en het laat me niet meer los.”
Bron: Duurzame logistiek
|